Naar hoofdinhoud

SKU vs EAN: het verschil en wanneer je welke code nodig hebt

SKU vs EAN uitgelegd: wie de code uitgeeft, opbouw, GS1, wanneer bol en Google een EAN willen, varianten, bundels en de juiste productvelden.

SKU vs EAN: het verschil en wanneer je welke code nodig hebt

Een SKU (stock keeping unit) is een interne code die je zelf bedenkt, in elk formaat dat je wilt, om een product of variant te volgen in je eigen voorraad, orders en rapportages. Een EAN is een nummer van 13 cijfers, de GTIN-13, dat je via GS1 krijgt en dat hetzelfde product herkenbaar maakt bij elke winkel, marktplaats en elk magazijn ter wereld. Dezelfde sneaker in maat 43 heeft overal één EAN, terwijl elke webshop die hem verkoopt er een eigen SKU aan geeft.

SKU's heb je altijd nodig: één per variant, uniek in je catalogus. Een EAN heb je nodig als je verkoopt via winkels of marktplaatsen die erom vragen, zoals bol en Amazon, of als je wilt dat Google Shopping je product herkent. In Noord-Amerika speelt de UPC van 12 cijfers (GTIN-12) dezelfde rol. In je productdata delen ze nooit een veld: de SKU staat in sku, de EAN in gtin of ean, en het onderdeelnummer van de fabrikant in mpn.

SKU en EAN vergeleken op negen punten

SKU vs EAN in één overzicht

Uitgegeven doorJijzelf (merk, retailer of verkoper)De merkeigenaar, met een nummerreeks van GS1
OpbouwLetters, cijfers en streepjes, je eigen patroonPrecies 13 cijfers, het laatste is een controlecijfer
UniekBinnen je eigen catalogusWereldwijd, over alle bedrijven heen
KostenGratisLosse codes eenmalig, codepakketten met jaarlijkse kosten naar omzet
Hetzelfde product bij twee winkelsTwee verschillende SKU'sEén EAN
Op de verpakkingZelden, soms op schaplabelsJa, als EAN-13-barcode
Zichtbaar voor klantenSoms op de productpaginaVooral op de verpakking; feeds sturen hem naar Google
HoofdtaakVoorraad, orderpicken, orders, rapportage, koppelingenScannen aan de kassa, listings op marktplaatsen, producten matchen
Mag hij veranderen?Het kan, maar je breekt historie en koppelingenNee, een GTIN blijft bij het product waaraan hij is toegekend
9 van 9 rijen
De SKU hoort bij je bedrijf; de EAN hoort bij het product en reist overal mee.

GS1 US zegt het in zijn uitleg over GTIN's kort: meerdere retailers kunnen precies hetzelfde product met dezelfde GTIN verkopen, maar elk geeft het een eigen SKU. Onze gids GTIN vs UPC vs EAN legt uit hoe EAN en UPC samenhangen met de andere GTIN-formaten, en de SKU-gids gaat dieper in op de SKU zelf.

Zo is een EAN-code opgebouwd, cijfer voor cijfer

Als voorbeeld nemen we 9506000134352, een demonstratienummer van GS1 zelf. Een EAN-13 bestaat uit drie delen:

  • GS1-bedrijfsprefix: de eerste cijfers, toegekend aan één merkeigenaar. Hij begint met de GS1-prefix van de organisatie die hem uitgaf: 870 tot 879 voor GS1 Nederland, 540 tot 549 voor GS1 België en Luxemburg, 950 voor GS1 Global Office zoals in dit voorbeeld.
  • Artikelnummer: de cijfers die de merkeigenaar zelf per product en per variant toekent.
  • Controlecijfer (2): berekend uit de eerste 12 cijfers, zodat een scanner of systeem een tik- of leesfout ziet.

Een EAN die met 87 begint, komt dus van GS1 Nederland, maar zegt niets over waar het product gemaakt is: volgens GS1 geven prefixen het land van herkomst niet aan. Het controlecijfer reken je zo uit: tel de cijfers op de even posities (2e, 4e en zo verder van links: 5 + 6 + 0 + 1 + 4 + 5 = 21) en vermenigvuldig met 3, dat is 63. Tel de cijfers op de oneven posities (9 + 0 + 0 + 0 + 3 + 3 = 15). Samen 78. Het controlecijfer vult aan tot het volgende tiental: 80 min 78 is 2. De EAN- en GTIN-checker doet deze test voor elke GTIN-lengte.

Barcode en nummer zijn twee dingen: de EAN-13-barcode zijn de streepjes, de GTIN-13 is de data die erin zit. Heb je de afbeelding nodig, dan maakt de EAN-13-generator hem van een geldig nummer, en het overzicht van soorten barcodes legt uit wanneer je EAN-13, UPC-A of ITF-14 nodig hebt.

En de UPC? Het Amerikaanse broertje van de EAN

Verkoop je in de Verenigde Staten of koop je in bij Amerikaanse merken, dan kom je de UPC tegen. Dat is een GTIN-12: 12 cijfers, uitgegeven via GS1 US, en de enige GTIN die in een UPC-A-barcode past. Een UPC kun je als 13 cijfers schrijven door er een 0 voor te zetten, en moderne kassasystemen scannen allebei. Google Merchant Center accepteert UPC's van 12 cijfers en EAN's van 13 cijfers in hetzelfde gtin-attribuut. Je hoeft voor een product met een UPC dus geen extra EAN aan te vragen.

Zo bouw je een SKU-formaat dat je jaren volhoudt

Een SKU heeft geen standaard, en daarom heb je regels nodig. Een leesbaar patroon zet het meest stabiele kenmerk vooraan en het meest variabele achteraan. Voor een biologisch katoenen T-shirt in navy, maat M, vertelt TEE-ORG-NAV-M een orderpicker wat hij moet pakken zonder iets op te zoeken. Shopify is in zijn helpcentrum streng op één punt: elk product en elke variant heeft een eigen, unieke SKU.

  • Vaste segmenten: producttype, model, kleur, maat, in dezelfde volgorde en lengte in de hele catalogus.
  • Alleen letters, cijfers en streepjes: geen spaties, slashes of accenten die CSV-bestanden en koppelingen breken.
  • Geen tekens die op elkaar lijken: vermijd de letter O naast een nul en de letter I naast een één.
  • Geen waarden die veranderen: prijs, leverancier of seizoen in een SKU raken verouderd terwijl het product hetzelfde blijft.
  • Eén schrijfwijze: Shopify wijst erop dat SKU's hoofdlettergevoelig zijn bij synchronisatie, dus ABC123 en abc123 zijn twee verschillende SKU's.
  • Hergebruik nooit een oude SKU voor een nieuw product; oude orders en rapportages wijzen er nog naar.

De SKU-generator bouwt codes uit zulke segmenten en zet ze uit over varianten.

Een sjabloon vult het SKU-veld voor veel producten tegelijk en toont het resultaat voordat je het toepast. Laat segmenten die veranderen, zoals het jaartal, weg als de code stabiel moet blijven.

Wanneer je een EAN nodig hebt en wanneer een SKU volstaat

Heb je voor dit product een EAN nodig?

Diagram laden
Wederverkopers gebruiken de code van de fabrikant; alleen merkeigenaren vragen zelf nummers aan.

Verkopen via bol en Amazon. GS1 Nederland schrijft op zijn pagina over GTIN's en barcodes dat partijen zoals bol.com en Amazon alleen artikelen met een GS1-code accepteren. Ben je het merk, dan vraag je de nummers zelf aan; verkoop je andermans product, dan gebruik je de EAN van de fabrikant.

Google Shopping. Google Merchant Center raadt het gtin-attribuut aan voor elk product waaraan de fabrikant een GTIN heeft toegekend, accepteert 8, 12, 13 of 14 cijfers en eist een correct controlecijfer. Gok nooit en verzin geen waarde. Huismerken en producten die alleen jij verkoopt hebben vaak geen GTIN; daarvoor stuur je brand en mpn. Ontbrekende of foute GTIN's kunnen je zichtbaarheid beperken.

Alleen je eigen webshop. Met SKU's kun je de winkel draaien. Een EAN is toch de moeite waard als het product er een heeft, want daarmee koppelt Google je aanbod aan het product.

Andermans product doorverkopen. Gebruik altijd de EAN van de fabrikant en vraag nooit eigen nummers aan voor een product dat een ander maakt; de GTIN hoort bij de merkeigenaar. Met EAN-code opzoeken zie je welk product en merk openbare pagina's bij een barcode noemen, handig als een leveranciersbestand wel nummers maar geen namen bevat.

Eén EAN met meerdere SKU's: conditie, bundels en voorraadlocaties

Eén product houdt één EAN, maar soms heb je er meer dan één SKU voor nodig. Waar de grens ligt:

  • Voorraadlocaties: houd één SKU. Shopify raadt aan dezelfde SKU voor een variant op alle locaties te gebruiken en de voorraad per locatie bij te houden, zodat verplaatsingen en rapportages kloppen.
  • Conditie: aparte SKU's. Een refurbished of tweedehands exemplaar heeft de GTIN van de fabrikant, maar een eigen prijs en voorraad, dus een eigen SKU (bijvoorbeeld HDP-200-BLK-REF). In Google Merchant Center is het een apart product met condition op used of refurbished; Google accepteert geen twee producten met dezelfde GTIN en dezelfde variantkenmerken, conditie inbegrepen.
  • Bundels die je zelf maakt: eigen SKU, GTIN van het hoofdproduct. Voor een camera met tas en lens die jij samenstelt, vraagt Google de GTIN, MPN en het merk van het hoofdproduct plus het attribuut is_bundle. Een bundel van de fabrikant heeft een eigen GTIN.
  • Multipacks die je zelf maakt: eigen SKU, GTIN van het losse product. Stuur de GTIN van het losse product met het aantal in multipack. Een multipack van de fabrikant heeft een eigen GTIN.

Varianten krijgen een eigen EAN en een eigen SKU

Elke maat en kleur is een ander handelsartikel. GS1 Nederland zegt het zo: elke kleur en elke maat krijgt een eigen code. Google eist een unieke GTIN per variant en Shopify een unieke SKU per variant. Sommige retailers houden daarboven een modelcode voor rapportage, maar dat is een parent-code, geen vervanging van de variant-SKU.

Rekenvoorbeeld: één T-shirt, zes varianten

TEE-ORG-NAV-STEE-ORGNavyS9506000135007
TEE-ORG-NAV-MTEE-ORGNavyM9506000135014
TEE-ORG-NAV-LTEE-ORGNavyL9506000135021
TEE-ORG-WIT-STEE-ORGWitS9506000135038
TEE-ORG-WIT-MTEE-ORGWitM9506000135045
TEE-ORG-WIT-LTEE-ORGWitL9506000135052
6 van 6 rijen
Elke rij is een eigen handelsartikel met een eigen SKU en EAN; de parent-code groepeert ze alleen. De EAN's liggen in de demonstratiereeks van GS1 (prefix 950) en zijn illustratief.

Let op de uitzondering voor de MPN: volgens Google delen verschillende kledingmaten vaak één MPN, terwijl GTIN's dat nooit doen. mpn mag dus herhalen over maten, gtin en sku niet.

Waar SKU, EAN en MPN in elk systeem horen

  • Shopify: elke variant heeft een SKU-veld en barcodevelden. Je kunt tot 20 barcodes per product of variant toevoegen, elk met een type zoals een GTIN-formaat, of Custom voor waarden zonder standaard.
  • Google Merchant Center: id is je eigen unieke, stabiele product-ID (Google raadt de SKU aan, 1 tot 50 tekens), gtin bevat de EAN of UPC, mpn het onderdeelnummer van de fabrikant en brand het merk.
  • schema.org Product-markup: sku, gtin13 of gtin12, en mpn zijn aparte eigenschappen.
  • Leveranciers- en ERP-bestanden: meestal een artikelnummer van de leverancier (hun SKU), jouw artikelnummer en een barcodekolom. Zet het nummer van de leverancier in een leveranciersveld, niet in je SKU.

Googles regels voor het id-attribuut laten zien waarom de SKU stabiel moet blijven: de ID draagt de prestatiehistorie van het product in Merchant Center en Google Ads, dus een nieuwe ID overschrijft het product. Gebruik ook geen ID voor meerdere varianten; elke variant krijgt een eigen ID.

EAN's toevoegen aan een catalogus met alleen SKU's

Veel webshops beginnen met alleen SKU's en voegen GTIN's toe zodra bol, een retailer of Google erom vraagt. In deze volgorde voorkom je het meeste dubbele werk:

  1. Splits de catalogus op herkomst. Producten van andere merken krijgen de code van de fabrikant; alleen producten onder je eigen merk hebben nummers van GS1 nodig.
  2. Haal fabrikantcodes bij de bron. Prijslijsten van leveranciers, verpakkingen en de productfeed van de leverancier bevatten ze meestal. Neem geen codes over van de listing van een concurrent.
  3. Tel je eigen varianten voordat je koopt. Elke maat, kleur en verpakkingsgrootte heeft een eigen nummer nodig, dus tel varianten, geen productpagina's.
  4. Ken nummers toe in een register dat je bijhoudt. Leg vast welk nummer naar welke SKU ging en wanneer. Een GTIN gaat later nooit naar een ander product.
  5. Controleer voordat je publiceert. Check lengte en controlecijfer van elke code, en dat geen twee varianten dezelfde delen, voordat de eerste feed de deur uit gaat.

Zes verwisselingen van SKU en EAN die je feed breken

  1. EAN als getal in Excel. Voorloopnullen verdwijnen en lange codes worden wetenschappelijke notatie, zoals 9,50600E+12. Zet GTIN-kolommen op tekst voordat je plakt.
  2. SKU gelijk aan de EAN. Dat werkt tot je een bundel, een refurbished exemplaar of een product zonder GTIN verkoopt. Houd de velden apart, ook als de waarden gelijk zijn.
  3. Eén EAN voor alle varianten. Marktplaatsen voegen de listings samen of weigeren ze, en Google kan de maten niet uit elkaar houden.
  4. Een verzonnen GTIN voor een huismerk. Die faalt op het controlecijfer of botst met een echt product. Stuur merk en MPN, of vraag echte nummers aan.
  5. Goedkope EAN's van doorverkopers. Het nummer kan al bij het product van een ander bedrijf horen in de database van een marktplaats.
  6. Nieuwe SKU's na een replatforming. Feed-ID's veranderen, advertentiehistorie begint opnieuw en koppelingen verliezen de link met oude orders. Migreer SKU's één op één.

SKU's en EAN's controleren voordat ze een kanaal bereiken

In WISEPIM staan de SKU, de EAN, de UPC van 12 cijfers, het onderdeelnummer van de fabrikant en het merk in aparte velden per product. Regels in Quality Guard kunnen producten markeren waarvan de SKU of EAN niet uniek is in het project, en EAN's zonder geldig GTIN-controlecijfer, en ze blokkeren, overslaan of een waarschuwing geven voor een export. Dat is een controlecijfertest, geen opzoeking in het GS1-register: hij vangt tikfouten en verzonnen nummers, geen geldig nummer dat van iemand anders is.

Een identificatieregel op Block houdt elk product zonder bruikbare EAN of GTIN tegen voor de volgende synchronisatie, terwijl zachtere regels alleen waarschuwen.
Diego Nijboer

CTO and Co-Founder at WISEPIM, building AI-powered solutions that transform product data management for e-commerce businesses. Over 10 years of experience solving complex technical challenges in e-commerce and PIM systems.

Veelgestelde vragen

Nog vragen?

Kan je het antwoord niet vinden? Neem contact op met ons team.

Contact opnemen

Technisch wel, niets houdt je tegen om de EAN in het SKU-veld te zetten. Het geeft later problemen: producten zonder GTIN hebben toch een SKU nodig, refurbished exemplaren en bundels delen een EAN maar hebben een eigen SKU nodig, en een andere leverancier kan voor hetzelfde product een nieuwe barcode meebrengen. Houd een eigen SKU-patroon aan en zet de EAN in zijn eigen veld.

Niet helemaal. De EAN, of GTIN-13, is het nummer van 13 cijfers. De EAN-13-barcode is het streepjespatroon dat dat nummer scanbaar maakt. In de praktijk worden de woorden door elkaar gebruikt, maar in je productdata sla je het nummer op; de barcode-afbeelding maak je daaruit voor verpakking en labels.

In de praktijk wel. GS1 Nederland noemt bol.com als partij die alleen artikelen met een GS1-code accepteert. Verkoop je een bestaand merkproduct, dan gebruik je de EAN van de fabrikant. Ben je zelf het merk, dan vraag je de codes aan bij GS1 Nederland, één per variant. Kijk voor uitzonderingen altijd in de actuele voorwaarden van bol.

Een EAN is een GTIN van 13 cijfers die in de meeste landen buiten Noord-Amerika wordt gebruikt; een UPC is een GTIN van 12 cijfers, vooral in de Verenigde Staten en Canada. Beide komen van GS1 en moderne kassasystemen scannen allebei. Een UPC wordt een geldig getal van 13 cijfers door er een 0 voor te zetten.

Ja. Elke maat, kleur of andere optie wordt apart opgeslagen, gepickt en verkocht, dus heeft een eigen SKU nodig. Shopify eist een unieke SKU per variant en Google Merchant Center een unieke product-ID per variant. Een gedeelde parent- of modelcode kan de varianten daarboven groeperen.

Verder ontdekken

Zorgvuldig gekozen vervolgstappen om dieper te gaan.

Betere productdata, betere resultaten.Verkoop meer producten.

4,7